Received medal from faculty at Louvain

Date: 
June 3, 1716

In 1716, Leeuwenhoek received an honorary medal from the University of Louvain in what was then the Spanish Netherlands, now Belgium. They addressed it to "the Highly-honoured and Far-famous Mr. Anthony Leeuwenhoek" for his "never yet properly appreciated and celebrated discoveries in Natural Philosophy".

Front and back of medal

The letter and medal were delivered via Delft brewer Gerard van Loon, recipient of letter, May 16, 1716. The receipt was recorded in a document prepared by Jacob van der Werff, notary.

An associated book of praise poems was published the following year.

Lauwerkranssen, gevlochten voor den heer Antoni van Leeuwenhoek, groot wysgeer, lidt der Koningklyke Gemeenschap te Londen.

Laurel wreathes, plaited for Mr. Antoni van Leeuwenhoek, great sage, member of the Royal Society in London.

A week later on June 6, Leeuwenhoek replied:

Mr Gerard van Loon, barrister, has delivered to me an obliging letter of Your Honours, dated the 24th of May last, and a purse of gold cloth; within this a commemor­ative medal of silver was embedded in a little black case; one side of this medal showed my effigy and the reverse an emblem, with a perspective of the town of Delft.

In 1731, van Loon featured this medal in his own Beschrijving der Nederlandsche Historiepenningen, source of the image on the right (click to enlarge).

Document: 

ONA Delft inv. 2611Op Huyde, den 3en Juny 1716 compareerde voor mij Jacob van der Werff notaris, bij den Hove van Holland, geadmitteerd binnen der Stad Delff residerende, ter presentie van de naar genoemde getuijgen D' Heeren Mr. Gerard van Loon, brouwer in de brouwerije vande Verkeerde Werelt binnen dese Stad, ende bekende dat, aan hem Hr comparant, was ter hand gecoomen een missive waar vande superscriptie was, aande hooghge-eerde en wijd beroemde Heer, de Heer Anthony Leeuwenhoek, enz. tot Delff onder couvert, met een silvere medailje synde aande eene zijde daarop gegraveert het beeltenisse van gemelten Heer Leeuwenhoek met dit omschrift “Anthony Leeuwenhoek Reg : Societ : Angl : Membr”, ende aande syde off op 't ruggestuk: de stad Delff in 't verschiet , met dit onderschrift “in tenui labor, at tenuis non gloria”,  sijnde in een hoorne doosie van binnen met flueel bekleet in een goud geweven beursie hem Heer comparant, soo hij verklaart, toegesonden door de Heer Anthonij Cinck, professor Philosophiae, groot Domheer van Luyk, groot Canonicus van St. Pieters te Leuven, President in het collegie te Cranendonck, etc. etc., met schriftelijke bijvoeginge en ernstig versoek, ten eijnde hij Heer comparant de moeijten geliefden op sigh te nemen en van die goetheijd te sijn om gemelte missive, medailje, doosje, en beursje aan gemelten Heer Leeuwenhoek uijtde naam ende van wege hem Heer Cinck ende de verdere Heeren professooren der medicijnen en Philosophie te Leuven als een liberale gifte, te vereeren tot eene erkentenisse en bewijs hunner hooghagtinge voor sijn, Heer Leeuwenhoeks,  nooijt volpreesen  en beroemde ontdekkinge in de Natuijrcunde, welke voorz: missive, medailje, doosje en beursje, ingevolge van 't opgemelte versoek aan hem Heer Leeuwenhoek op 't verlij van dese door den Hr comparant is overhandigt geworden.

Compareerde mede voor ons notaris en getuijgen den meergemelten Heer Anthonij Leeuwenhoek, woonende binnen Delff, dewelke verklaarde de voorz: missive, medalie, doosje en beursie op’t verlij van dese uijt hande vande Heer van Loon voornt: ontfangen en overgenomen te hebben, onde de gifte door geldte te Heeren professooren aan hem gedaan dankelijk te accepteeren, soo als hij deselve accepteert bij desen, bedankende wijders mede den Heer Mr. Gerard Van Loon voor sijne moeijten en goede sorge ontrent het verrigte van dese donatie gehad ende gedragen, scheldende deselve absoluijtelijk quijt bij desen, sonder dien aangaande ijtwes ’t alderminste te reserveren, en op dat van dese daar en soo ’t vereijst mogte werden bleeken, soo verklaarde sij comparanten hier van kennisse gedragen, mitsgaders instrumente gemaakt ende gelevert te werden in forma.

Aldus gedaan en verleden binnen de stad Delff, ter presentie van Frederik Matie ende Rutgerus van Brienen, beijde als getuijgen hiertoe versogt.

Gerard van Loon
Antonij van Leeuwenhoek
Frederick Maatje
R:V:Brienen

Jacob Vander Werff, nots.

transcribed by Servaas van Rooyen in 1904

Sources
Learn more