Ondertrouwboeken (civil), 1584-1811

Author: 
Gerecht (Delft court of law)
Publisher: 
Gemeentelijke Archiefdienst Delft
Year: 
1584 - 1811

searchable database available online at Digitale Stamboom Delft

in 22 parts (Dutch only)

Ondertrouwen
Engagements
inventory number  
123 1584 januari 28 - 1596 maart
124 1618 maart 10 - 1626 september 26
125 1637 - 1645
126 1646 - 1649
127 1650 - 1656
128 1657 - 1660
129 1661 - 1664
130 1665 - 1669
131 1670 - 1674
132 1675 - 1682 februari 7
133 1682 februari 7 - 1687 juli 26
134 1687 augustus 3 - 1692
135 1693 - 1699
136 1700 - 1706
137 1707 - 1714
138 1715 - 1723
139 1724 - 1731
140 1732 - 1740
141 1741 - 1749
142 1759 - 1767
143 1777 - 1783
144 1801 - 1807

The inventory notes:

N.B. Vanwege schepenen van huwelijkszaken gehouden ondertrouwregisters met vermelding van attestatie en trouwen (zowel burgerlijk als kerkelijk). De latere registers vermelden tevens de notulen van de schepenen van huwelijkszaken. Hierin komen de namen voor van alle gezindten, m.u.v. de eerste delen waarin die van de Waalse gemeente ontbreken. Zie voor de keur Heeren van de Wet 1575.

It references Nederlands Archievenblad 1925/26, p. 118:

Een onbekende keur op de huwelijksche geboden te Delft

In het Keurboek der stad Delft staat tusschen 25 November en 11 December 1575 de hieronder volgende keur ingeschreven; inderdaad begint het Huwelijksproclamatieboek ook 11 December 1575.

"Alzoo dagelicx soe langer soe meer groote abusen vallen uut oorzaicke datter, Godt betert, noch veel zijn, hen selven begevende tot den huwelieken staet, onwillich sijn(de) in de gereformeerde kercke heur zonnendaichsche geboden te entfangen ende hen aldaer te laeten trouwen, zoodat onder tdexel van de clandestine ende heymelicke trouwen eenige zonder te trouwen met den anderen in openbare hoererye blyven sitten, jae dat arger is, op, diversche plaetschen spottende met den heiligen echt meer wijffven trouwen;

Omme waerinne te voorsien, zoo ist, dat Schout ende schepenen by advis van Bergemeesteren der stede van Delft gestatueert ende gekeuyrt hebben statueren ende keuyren by desen, dat van nu voortaen allen dengeenen die hen ten huwelieken staet zullen willen begeven gehouden sullen wesen op eenen saterdag des naemiddachs voor drie uuyren te compareeren voor die gedeputeerde op de weescamer dezer stede, ende laten aldaer nae d' examinatie, die men aldaer gewonelich es te doen, heur naemen ende toenamen opteikenen omme daerna in de gereformeerde kercke te laeten geschien drie zonnedaichse geboden, maer die deur cranckheyt ende superstitie zulcx nyet van meeninge en zijn te doen, dat diezelve nochtans ter minsten gehouden zullen wesen te compareren als vooren ende te laeten doen drie zonnedaichsche publicatien ende geboden van der stadthuys, naer welcke publicatien die twe verzekerde personen oock gehouden zullen wesen voor consummatie van de huwelick hen te vinden in de camer voor bergemeesters ende aldaer haer naemen laten opteickenen ende voorts verclaringe ende attestatie te doen, dat ziluden sender eenige simulatie ofte bedroch met malcanderen in den huwelieken staet vergaderen zullen; ende soo wie contrarie deze ordenantie onder tdecxel van huwelick vergaaderen, dat alzulcke vergaderinge voor geen trouwe nochte geechte personen gehouden zullen worden ende heur kinderen verclaert voor illegitime personen jegens den weleken als in openbare hoererye sittende by den officier geprocedeèrt zal worden omme tot dispositie van schepenen gestraft ende gecorrigeert te worden naer behoiren. Ordonneren voorts dat oock alle diegheene die van dier tijt aen dat die papistige religie hier uuyter stadt geweest is met alzulcke clandestine ende heymelicke trouwen voor notaris ofte anders behulpen ende die kerckelicke geboden nyet entfangen en hebben, oock gehouden sullen wesen binnen een maent nae date van dese te saemen te compareeren voor bergemeesters ende aldaer heur naemen ende toenaemen te laeten opteickenen, ende als vooren heur behoorlicke verklaringe te doen, dat zy te saemen geechte personen sijn. Ende dat oock op gelycke peyne omme jegens denselven oock geprocedeert te mogen worden als personen in onecht sittende".

Derde Keurboek der stad Delft, 1568-1582, fol. 278 verso.
Mr. L. G. N. BOURICIUS.